
> Op avontuur door Musée Hergé. Elke eerste zondag van de maand is het gratis: een bezoekje aan Musée Hergé in Louvain-La-Neuve. Wie? Hergé, van Kuifje. Aaah Kuifje, die nieuwsgierige journalist met zijn weerborstelbles en zijn witte Bobbie. Wereldwijd gekend, zeker na de 3D-film die Steven Spielberg in elkaar puzzelde: een aanrader, vooral als je een cinemazeteltje deelt met je stiefmoeder die plots dingen voor haar neus wegslaat omdat ze nog nooit iets uit een scherm tot aan haar gezicht zag komen. Hoe meer onze trip door de gangen en geschiedenis van Hergé’s leven daalt – het avontuur start op de 3e verdieping – hoe meer onze bewondering voor deze Grote Belg stijgt. Hij schetst een wereld van fantasie, vormt een bron van inspiratie en toont een passie waar je haar van gaat rechtstaan – net als dat van Kuifje. Een bezoekje waard, of toch een gratis bezoekje.

> In het spoor van de Muide. Als je bezig bent met fotografie, zie je de wereld plots heel anders. Meer zwart-wit, of net meer in kleur. Er duiken schaduwen op waar je er vroeger nooit zag, je spot plots massa’s speciale types onderweg en merkt toevalligheden op die vragen om ingekaderd te worden. Je spreekt in beeldtaal, zelfs letterlijk: man daar zit een mooi beeldje in, en zo schoon licht vandaag! Boeiend vind ik, hoe je interesse je blik bepaalt. Met mijn lens lees ik andere dingen in een plas water dan een visser. Hij denkt aan een brasem, ik aan Bresson. Hij ziet gladgeschubde kanjers glijden onder het wateroppervlak, ik kijk naar de kabbelende glinstering die voor mij de wave doet. Naar de reflectie van oeverkleuren en wolkenluchten. Naar de eenzame zwaan die een spoor trekt in de vorm van een pijl. Kijk naar mij! Dat is wat fotografie je leert. Lieve visser, laat je vooral niet afschrikken. Met de juiste reflex en camera schuilt in iedereen een fotograaf. En een beeld vangen ligt wat in dezelfde lijn als vissen: geduldig observeren en trekken op le moment décisif. Heerlijk om een vette vis aan de haak te slaan! Al werkt de weg ernaartoe ook best therapeutisch. Hij vloog dan ook voorbij als een tram, onze buitenopdracht reportage langs de Muide en de Wiedauwkaai. Toch als ik die pijnlijke wintervingers en dat verschrikkelijk irritante statief even vergeet.

> Samen op de slackline. Het kon de nieuwste titelhit zijn van Samson en Gert, maar het gaat om een al even swingend tweedehandsspeeltje van mijn broer: een koord om op te dansen. Les 1: je evenwicht houden op weekend in de Westhoek. Nie humaklik wé, met dat scheefgetrokken dialectje en die woelige akkerwind. De sterke boerenlucht blaast je zo uit balans. Toegegeven: het was niet daarom dat ik met moeite zes onzekere passen kon neerzetten – vergezeld van 36 spastische armzwengels. Ik ben een slappe trien op een strakke koord. Lach maar. Heb je het ooit zelf geprobeerd? Geloof me, de lat ligt boven je lijn van verwachtingen. Enkel de meest evenwichtige broer haalde de overkant. Al was de rest even hard toe te juichen gezien de geniale slapstick tuimeltricks.

> Sweet! Een normale dag op het werk. Een normaal net-voor-de-middagdipje. Een abnormaal telefoontje aan de deur beneden. Mijn collega meldt half lachend dat er iemand is met een speciaal pakketje… voor mij. Tuuurlijk, ha ha ha. Als hij herhaalt dat het echt zo is en ik een onbekende zie bovenkomen verstopt achter een grote roze papieren zak, ga ik toch even kijken: “Ik moest dit afgeven aan Rien.” Oh nee, van wie is dit? En wat is het? Mijn benen voelen alsof ik op een slackline sta. Tuurlijk vind ik verrassingen leuk! Ik kan er gewoon niet zo goed mee om. Dan krijg ik het gevoel dat iedereen naar me kijkt, gevolgd door een black-out in sociaal aanvaardbaar gedrag. Mijn lichaam en geest gaan een eigen leven leiden, bevend, alsof ik 12 Kurt-koffies dronk op een nuchtere maag – deze straffe kerel doet er al eens graag een schepje (of vier) bovenop. Als ik bekomen ben van het moment, sluip ik met mijn pink pak naar de keuken, waar ik het veilig openmaak zonder zakkenkijkers. Ik dacht het ‘open mij eerst’-handschrift op de enveloppe al te herkennen: Sven zijn zus. Om mij te bedanken voor de mooie foto’s van hun nog mooiere madam, Jeanne. Bedankt zoetje, om mij dik te belonen met sugar needs. En graag gedaan uiteraard, al weet ik niet of het handgeselecteerde exemplaar hierboven die zak kinderbonbons wel verdient :)

> Een potje tafeltennis. Sinds we de uitschuifbare netjes bij Decathlon ontdekten, zijn we compleet in de ban van pingpong: thuis, op het werk, bij vrienden. Het is booming business in tafelland. En terecht! Voor een goeie 15 euro kan je al aan de slag: 1 uitschuifbaar netje, 2 goedkope palletjes en 6 balletjes. Wat moet een mens nog meer hebben. Een sparringpartner misschien? Voor een luttele 12 kinderbonbons per uur kan je mij al boeken, inclusief rode sokken – enkel als je tegen je verlies kan natuurlijk *kuch*. Nee serieus, met deze alternatieve attentie sla je zeker raak als iemand je uitnodigt voor een potje eten. Gezonder dan pralines, minder water nodig dan bloemen en meer plezier dan wijn. Just do it!

> HLZHI, de wielerpiste. Wielrennen, onze Belgische sport en trots. Van heinde en verre kennen ze de grote Eddy Merckx die ons de geschiedenisarchieven infietste. Mijn hart gaat er niet sneller van slaan. En net daarom vind ik onze eenmalige reportage-opdracht in het Vlaams wielercentrum Eddy Merckx wel interessant: hoe laat je een onderwerp spreken dat jou niets zegt? Afspraak om 17u30 op doolhofparking Blaarmeersen – zó veel pijltjes en toch zo weinig gevoel voor richting, damn you woman?! Een deadline op het werk beslist er anders over. Ik kom pas om 19u30 in the picture: met een achterstand, een zweetsnor van mij op te jagen en een tweedehandsflits in mijn pollen die ik nog nooit gebruikte. Hm, hoe zou die werken? En hoe straf zou die flitsen? Dat laatste merk ik snel aan de ‘godverdommeuh!’ van de renners die bovenaan de piste (na)trappen als ik er één in hun gezicht knal. Blijkbaar toch verblindend voor wie voorbijflitst. Dan maar creatief zijn zonder, out of the piste. Daar zet ik deze numero uno in driekleur op de geheugenkaart. Een beeld dat spontaan deze titel oproept in mijn hoofd: Geen kopman. Of hoe copy en beeld elkaar kunnen versterken.
Wie graag een tentoonstelling meepikt van Henri Cartier-Bresson, er loopt een van 24/4 tot 24/8 in het Joods Museum in Brussel: http://www.new.mjb-jmb.org/index.php?option=com_content&task=view&id=769118&Itemid=1&lang=dutch
LikeLike